Welke helmmaat heb jij nodig?

Een helm beschermt alleen goed als hij goed past. Te ruim en hij schuift of draait bij een val; te strak en hij gaat drukken. De juiste maat bepaal je op basis van je hoofdomtrek — niet op gevoel of op je pet.

Zo meet je je hoofd op:

  1. Pak een rolmaat (kleermakerslint). Geen rolmaat? Gebruik een touwtje en leg het daarna langs een liniaal.
  2. Leg het lint rond het breedste deel van je hoofd: ongeveer 1 tot 2 cm boven je wenkbrauwen en je oren, en rond de bolling aan de achterkant.
  3. Houd het lint strak, maar niet knellend — recht en horizontaal rond je hoofd.
  4. Lees de omtrek af in centimeters en zoek die op in de maattabel.

Twijfel je tussen twee maten? Kies dan de kleinste. De binnenvoering van een nieuwe helm zakt na een paar uur dragen iets in en vormt zich naar je hoofd. Een helm die in de winkel al ruim voelt, wordt alleen maar losser.

Een goede pasvorm herken je zo: de helm zit overal gelijkmatig aan, drukt nergens hard en beweegt niet los over je voorhoofd als je je hoofd schudt. Met de sluiting dicht moet je de helm niet naar voren of achteren van je hoofd kunnen rollen.